Judo voor beginners
Doel judo
De tegenstander op de rug te werpen is het doel van een judoka in een wedstrijd. Als dit lukt is de wedstrijd direct afgelopen. De scheids-rechter geeft hiervoor ippon. Ook een wedstrijd beeindigen met een wurging of een houdgreep (een controletechniek die je 25 seconden vast moet houden levert een ippon op.
Punten die je kan scoren
De jury noteert wedstrijd- en judopunten op het wedstrijdformulier. Omdat het maken van een ippon heel moeilijk is zijn er scores voor worpen die niet perfect lukken. Dit geldt ook voor houdgrepen die korter duren dan 25 seconden. De judopunten die behaald kunnen worden zijn:
| Score | Uitleg | Handgebaar |
| YUKO | (5) : landing op de zij | gestrekte arm schuin naar beneden |
| WAZA-ARI | (7) : bijna vol punt door landing grotendeels op de rug, maar te langzaam. | gestrekte arm recht naar voren |
| IPPON | (10) : vol punt bij landing grotendeels op de rug. | gestrekte arm recht omhoog |
| YUSEI GASHI | (1):beslissing scheidsrechter |
![]() |
![]() |
![]() |
|
Ippon (10) |
Yuko (5) |
Wazari (7) |
Technisch
- Bij een val op de zijkant van het lichaam krijg je yuko
(of 15-20 seconden in de houdgreep); - Een net niet perfect landing op de rug is waza-ari (15 t/m 19 seconden in de houdgreep);
- Een twééde waza-ari staat gelijk met een ippon en beëindigt dus ook de wedstrijd.
- Bij een ippon landt de tegenstander grotendeels op de rug bij een goede techniek. Of een houdgreep van 25 seconden.De wedstrijd is dan afgelopen.
Bepalen van de winnaar als er géén ippon wordt gemaakt
Wanneer binnen een afgesproken tijd (maximaal 5 minuten bij senioren of 2,3, of 4 minuten afhankelijk van de leeftijd bij de jeugd.) Als geen van beide judoka’s een ippon heeft gemaakt, dan wordt de winnaar bepaald aan de hand van de volgende criteria:
- indien een van beide judoka’s een waza-ari heeft gemaakt wint hij de wedstrijd,
ongeacht het aantal yuko’s ; - indien het aantal waza-ari’s gelijk is voor beide judoka’s,
dan wint de judoka met de meeste yuko’s ; - indien het aantal waza-ari’s en yuko’s voor beide judoka’s gelijk is,
dan wint de judoka door beslissing scheidsrechter; - indien het aantal waza-ari’s en yuko’s gelijk is,
dan kiezen de scheidsrechters een winnaar (yusei gashi); - er kan ook worden beslist om door te judoën tot er iemand scoort: golden score in de verlenging.
Scorebord
In judo is het dus zo dat een hogere waardering altijd meer waard is als een willekeurig aantal lagere waarderingen. Omdat de hogere waarderingen steeds links van de lagere waarderingen staan, kun je gewoon de getallen aflezen die boven de rode en witte kleur staan. De judoka met de rode band om heeft in onderstaand voorbeeld 10 en wit heeft 04. Dus rood staat met deze score op winst.
|
1 |
0 |
|
|
4 |
|
|
|
Wa |
Yu |
Str |
|
Wa |
Yu |
Str |
|
|
|
|
|
|
|
|
Einde van de wedstrijd
Iedere wedstrijd wordt beslist. Als de speelduur voorbij en de stand gelijk is, volgt er golden score. Is er na de tijd van de golden score nog geen winnaar, zal de hoofscheidsrechter de winnaar aanwijzen. Bij wedstrijden waar hoekscheidsrechters aanwezig zijn zal er door middel van het opsteken van een gekleurde vlag gestemd worden. En overeenkomstig de meerderheid de winnaar aangewezen worden. Tegenwoordig komen dergelijke situaties niet, of slechts zelden voor. In bovenstaande situatie zal de scheidsrechter onder de 15 jaar de winnaar aanwijzen. Een goldenscore wordt toegepast vanaf 15 jaar.
Straffen
Lichte straffen worden veelal uitgedeeld om positief judo te bevorderen. De eerste shido (lichte straf) is een waarschuwing. Een 2e shido is een yuko waard, de 3e een wazari en bij de 4e winst van de partij en natuurlijk diskwalificatie van de wedstrijd voor de veroorzaker. Voorbeelden waarbij een shido wordt gegeven zijn: niet aanvallen; afhouden met gestrekte armen, niet vast willen pakken.
Wie geen respect heeft voor de scheidsrechter of de tegenstander, of een techniek uitvoert waarbij de eigen nek-/ruggenwervels of die van de tegenstander in gevaar komen, krijgt direct han-soku-make (diskwalificatie). Einde toernooi voor deze persoon. Han-soku-make komt weinig voor.
De wedstrijd
De wedstrijd begint staand; de tegenstanders pakken elkaar bij de jas, bij voorkeur een mouw en revers en proberen elkaar op de grond te werpen. De manier waarop de jas vastgepakt wordt is erg belangrijk voor de wedstrijd en heel bepalend voor het verloop van de wedstrijd. Om een bepaalde worp perfect te kunnen maken is een bepaalde ‘pakking’ nodig. Men vecht voor die pakking en probeert er tegelijk voor te zorgen dat de tegenstander zijn favoriete pakking niet kan maken. Als het goed is ken je de specialiteit van je tegenstander. De wedstrijd begint dus vaak met wat leken omschrijven als ‘dat gepluk’.
Op de grond wordt de wedstrijd voortgezet als er geen beslissend punt is gescoord. Hiervoor zijn er diverse keer-en kanteltechnieken beschikbaar. Maar ook wurgingen en armklemmen. Deze laatste technieken mogen respectievelijk alleen in de leeftijd 12-15 en 15-17 jaar. Echter als het judo in een partij op de grond geen goede voortgang heeft dan sommeert de scheidsrechter beide judoka’s te gaan staan om de partij staand de vervolgen.
Japanse woorden
| Dojo | judozaal | |
| Obi | judoband | |
| Judogi | judopak | |
| Kuy | graad (kleur band) | |
| Sensei ni rei | groet van en aan de leraar | |
| Hajime | beginnen (van de wedstrijd) | |
| Sore made | stop, einde wedstrijd | |
| Matte | stop (onderbreking van de wedstrijd) | |
| Osae komi | houdgreep(aankondiging) | |
| Toketa | houdgreep verbroken | |
![]() |
![]() |
![]() |
| Matte | Osae komi | Toketa |





